allerlaria

om te bekijken

De Bijendans

 

We hebben een vrouwelijke imker, Margriet geheten, die het heel gezellig vindt als je even langs komt kijken, en die dan hele verhalen vertelt over haar zoemende vriendjes. Ze heeft drie kasten vol, met uitzicht op de bloemen. Ze hadden last van de faraomijt, of was het faroamijt? en daar had ze een goed middeltje tegen: een soort desoriënterend luchtje zodat de mijtjes hun eitjes, de mijteitjes, niet meer goed wisten te leggen. Ondertussen zoemden wolken verse bijen, drie weken oud en net uit te kast, bedrijvig om ons heen om hun omgeving te verkennen. Pas daarna gaan ze de wijde wereld in.

Margriet vertelde iets over de bijendans waar ik het schaamrood van op mijn kaken kreeg. Ik dacht altijd dat die bij in de lucht danste!  Dat zij als het ware voor de deur van de bijenkast op en neer hing te vliegen, met ingewikkelde zigzagjes en rondedansjes.  Wat een misverstand!  Ze doet het binnen.  In de kast dus. Ja, dat wist iedereen natuurlijk al. Nou, ik niet. 

Vlak bij de ingang van de kast is een vaste plek waar de dans wordt uitgevoerd: dat noemt men de dansvloer.  Als een bij thuiskomt van haar werk,  van het voedselzoeken dus,  betreedt zij de dansvloer en schuifelt, schuddend met haar achterlijf,  volgens een bepaald patroon, een soort acht,  van A naar B en terug: de kwispeldans.  Met die dans vertelt  het bijtje waar ze een goede voedselplek weet.  De omvang of lengte van één achtje geeft aan hoe ver het vliegen is, de vliegrichting wordt bepaald door de hoek met de zon ten opzichte van het verticaal: als je de zon loodrecht naar beneden laat zakken.  Die hoek laat de bij zien door op het juiste moment te kwispelen.  Dat klinkt ingewikkeld, en dat is het volgens mij ook.  Wat wel weer begrijpelijk is:  hoe meer er te halen valt, des te langer gaat de bij door met dansen.

Een bij die zich afvraagt waar ze nu eens heen zal vliegen voor de lekkerste hapjes, gaat gewoon even bij de dansvloer kijken (het woord prikbord komt even bij me op) om de beste plek te vinden.  Als het echt een goede plek is zal ze er later zelf ook een dansje voor doen.

 

De imker vertelde ook dat ze ooit een uitgeslingerde honingraat in haar tuin gelegd had zodat ze hem later kon schoonmaken; binnen de kortste keren zat er een hele berg bijen op, van heinde en ver, allemaal erbij gehaald door de ontdekkers die gauw thuis een dansje gingen doen. Ze moest wachten tot het donker werd voor ze het ding weer bijloos binnen kon halen, maar de volgende dagen kwamen er nog telkens nieuwe bijen een kijkje nemen, die nog niet wisten dat de buit al weg was. Die waren natuurlijk gestuurd door de verder weg wonende bofferds die te laat thuiskwamen met hun dansje.


Bijen, hommels, wespen

 

Schattig hommeltje toch! Ik noem hem Grashommel, weet niet zeker of die naam klopt.

 

 Aai eens een hommel.  Voorzichtig doen hoor. Hij wappert met een pootje dat je op moet houden.

 

  Verder heb ik nog geen (fatsoenlijke) foto's van bijen en wespen. Wel een paar foto's van mijn bijennestkastje waar allerlei gespuis in zit: graafwespjes, spinnen, metselbijtjes, etc. Maar de namen weet ik niet, op de goudwesp na die op de gevel zit te wachten op een kans. Die parasiteert namelijk weer op het werk van de nijvere wespjes die eerst prooien naar binnen hebben gepropt en daar dan hun eieren op hebben gelegd Voor elke prooi maken ze een apart kamertje, soms zie ik een wespje met een klodder cement aan komen vliegen, dat is dan een soort was waarmee ze de kamertjes en uiteindelijk het hele buisje mee afsluiten. De zijkant van het kastje kan open zodat ik uitgebreid naar binnen kan loeren maar foto's maken is veel te moeilijk met mijn camera. De buisjes zijn van dik plastic en ook met een loep nog vrij ontoegankelijk. Tegen de schemering worden de lege buisjes gebruikt als slaapplaats, door wat grotere graafwespen. Ook als het regent zitten er allerlei schuildiertjes in. 

Create a Free Website